Homepage

Win een luxeweekend op het platteland winter 2011
Wenst u hier te adverteren? Contacteer ons gerust of volg deze link.

Het Waasland

Beeld: Mine Dalemans, Toerisme Waasland.

 

 

Overwinteren

in het soete

land van Waes

 

Tussen Gent en Antwerpen, waar de Schelde en de Durme voortdurend grond aanslibden, ontstond eeuwen geleden een land van polders en slijk, ook wel ‘waze’ genoemd. Vandaag bestaat dit ‘land van waze’ voornamelijk uit zandgronden, waar zowel bloemen en groenten als vee goed gedijen.

 

 

Het soete land

van Waes

 

‘Het zoete Waasland’, gelegen tussen Gent, Antwerpen en de Nederlandse grens, spreekt tot ieders verbeelding. Kleine en grote kinderen laten zich graag meeslepen door de avonturen van Reinaert de Vos, het sluwe hoofdpersonage uit het 13de-eeuwse dierenverhaal, waaghalzen kunnen hun hartje ophalen tijdens een ballonvaart of boottocht, en romantici kunnen wandelen of fietsen tussen de eindeloze velden met bloemen en knotwilgen. Maar dat is lang niet alles. Tijdens mijn tocht door Lokeren en Lochristi ontdekte ik nog enkele troeven: Lokerse geitenkaas, paardenworst, een muisje genaamd Pierlepein, azalea’s en schapenwol.

 

Op stage in Frankrijk

 

Ik begin mijn tocht in Lokeren, stad van de gelijknamige Feesten en paardenworst, maar ook stad aan het water (Durme) en in het groen. Het eerste bedrijf dat mijn aandacht trekt, is geitenboerderij ’t Eikenhof. Eigenlijk zijn het de joelende kinderen met rode bolletjessjaal die mijn aandacht trekken. “Zij zijn twee dagen op boerderijbezoek met muisje Pierlepein”, vertelt Monique, die hen helpt bij het maken van pizza met geitenkaas. “Pierlepein is een netwerk van Oost-Vlaamse boeren die graag scholen en groepen ontvangen, met een muis als symbool. Meestal komen schoolkinderen slechts enkele uren op bezoek, maar deze blijven twee dagen. Gisteren kregen ze uitleg van mijn echtgenoot Peter over de verzorging van de geiten en de verwerking van de melk. Dat vonden ze fijn, maar het hoogtepunt volgde pas ’s avonds, toen ze mochten helpen bij het melken (lacht). Vandaag gaat het er iets speelser aan toe: ze spelen boerderijspelletjes van Pierlepein, helpen Peter bij het voederen en kijken met grote ogen toe wanneer hij op zijn tractor kruipt (glimlacht)”.


Monique gelooft steevast in het nut van schooluitstappen naar de boerderij. “Zonder die bezoeken hebben kinderen en zelfs leerkrachten vaak geen idee waar hun voedsel vandaan komt. Gelukkig hebben de scholen uit de omgeving stilaan hun weg gevonden naar de boerderij. Velen komen zelfs jaarlijks terug, zoals de kokschool van Lokeren. Peter leert die leerlingen geitenkaas maken, iets waarvoor hijzelf vroeger op stage moest naar Frankrijk. Gedurende zes maanden heeft hij daar op een boerderij gewerkt, om geiten te leren verzorgen en melk te leren verwerken. Hij wilde immers absoluut geitenboer worden, maar kon daarvoor in Vlaanderen nergens terecht, omdat de stiel hier nog niet ingeburgerd was. De Vlaamse melkerijen toonden destijds trouwens ook nog geen interesse in geitenmelk, waardoor zelf verwerken de enige optie was.”


Vijfentwintig jaar later wordt de kaas van Monique en Peter verdeeld en geserveerd in winkels en restaurants van Lokeren tot Antwerpen. Om zijn lokale karakter te benadrukken, draagt hij de naam ‘Lokerse geitenkaas’. En dat blijkt te werken. “Mensen kopen onze kazen omdat ze weten waar die vandaan komen en hoe ze geproduceerd worden. Aan die openheid en traceerbaarheid wordt steeds meer belang gehecht.”

 

Onder een glazen stulp

 

Van Lokeren gaat het langzaam richting Lochristi. Halverwege stop ik voor een korte winterpicknick met verse geitenkaas - bieslook en pesto, de beste smaken volgens Monique - en geniet ik van het vergezicht tussen de velden. Wanneer ik uiteindelijk serres zie opduiken, vermoed ik de grens met Lochristi bereikt te hebben. “Al eeuwenlang staat deze plaats bekend om zijn sierteelt”, bevestigt Kristof Van Laere, de jonge azaleateler die me ontvangt in zijn serres. Tot mijn grote verbazing is het daar even koud als buiten. “In de compartimenten met azalea’s die nog niet bloeien, mag het tijdens de wintermaanden niet vriezen maar moet het ook niet warmer zijn dan 2 of 3°C. Dit in tegenstelling tot de forceerkamers, waar de azalea’s in bloei worden getrokken. Daar moet de temperatuur 20 tot 23°C bedragen en moeten lampen het daglicht aanvullen, zodat de planten voldoende energie kunnen opbouwen om nadien te overleven in een donkere woonkamer.”


Kristof verkoopt samen met zijn ouders en vrouw ongeveer 220.000 azalea’s per jaar, verspreid tussen juli en april. “We kopen geen plantgoed, maar vermeerderen de planten zelf. De azalea’s worden tijdens hun groei immers drie tot vier keer gesnoeid of ‘ingeknipt’, zodat ze een vollere vorm krijgen. Dit levert ons stekjes op, die we manueel per drie of vier in nieuwe potten stekken. Om de groei van de planten in tijd te kunnen spreiden, wordt een deel van die stekjes eerst in de frigo bewaard. Dat gebeurt trouwens ook met de volwassen planten, voordat ze in bloei worden getrokken. Dit heeft niet alleen als voordeel dat het aanbod gespreid kan worden, maar ook dat de azalea’s nadien mooier uit de forceerkamer komen. Door de lage temperatuur in de frigo’s wordt immers een stof afgebroken in de planten, waardoor ze beter én homogener bloeien.”


Voordat ik vertrek met mijn rode azalea, drukt Kristof me nog iets op het hart. “De azalea is een drinker, maar geen zwemmer. Hij heeft dus regelmatig water nodig, maar zijn wortels mogen niet in stilstaand water staan. Best kijk je 10 minuten na het gieten even in zijn pot, en giet je het overtollige water weg.”

 

Een schaap met

witte voetjes

 

Vastberaden om mijn azalea zo lang mogelijk fit te houden, vervolg ik mijn weg door Lochristi. Na slechts enkele minuten fietsen, valt mijn oog op een witte massa. Schapenwol! Véél schapenwol, in kudde grazend met een grote stier op de achtergrond. Zowel de wol en de schapen als de stier horen bij de Geetkotmolenhoeve, het vleesvee- en schapenbedrijf van Christine en Luc.


Toen haar ouders vijf jaar geleden op pensioen gingen, nam Christine hun kudde schapen over. Even later opende het gezin ook een hoeveslagerij, met Belgisch wit-blauw rund- en kalfsvlees en Pastorale lamsvlees (Vlaams kwaliteitslabel, nvdr) van eigen kweek. “We wilden alleen een hoevewinkel oprichten als we een uitgebreid assortiment vlees konden aanbieden, zodat klanten na een bezoek aan onze boerderij niet naar andere winkels zouden moeten hollen voor het vlees dat wij niet verkopen”, legt Christine uit. “Dat zou immers niet rijmen met het doel van een hoeveslagerij om duurzaam en ‘kilometerarm’ voedsel aan te bieden. Maar door de schapen over te nemen, werd ons aanbod vlees plots interessanter, en het nut van een eigen slagerij groter. Dus besloten we de sprong te wagen, iets wat we nog nooit betreurd hebben.”


Christine en Luc hechten veel belang aan duurzaamheid en proberen zo milieuvriendelijk mogelijk te boeren. Ze laten hun koeien en schapen voornamelijk buiten grazen en vullen het rantsoen aan met voeder van eigen teelt. Daarenboven verwarmen ze alles op hout. “Het water in de centrale verwarming wordt opgewarmd door een houtkachel, alvorens het door de verwarmingsketel loopt”, vertelt Christine. “Hierdoor springt de ketel nooit aan, waardoor we nauwelijks fossiele brandstoffen verbruiken. En het hout dat we gebruiken, is hier toch in overvloed aanwezig. Of heb je de vele knotwilgen langs de velden nog niet opgemerkt (lacht)?”

 

 

 

www.toerismewaasland.be

 

 

 

 

 

 

www.geitenboerderij-eikenhof.be

 

www.pierlepein.be

 

 

 

 

 

www.gentseazalea.be

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

www.geetkotmolenhoeve.be

 

Gent:bloemenregio


Oost-Vlaanderen is dé sierteeltprovincie van Vlaanderen. Bijna de helft van het totale Vlaamse sierteeltareaal ligt binnen haar grenzen, met een concentratie rond Lochristi en Gent. Daar worden jaarlijks maar liefst 20 miljoen knolbegonia’s en 30 miljoen azalea’s geproduceerd. En dat is geen nieuw verschijnsel. De regio is al sinds de 18de en 19de eeuw nauw verbonden met de sierteelt.

 

Om de toeristische en economische troeven hiervan in de verf te zetten, werd in 2010 het project ‘gent:bloemenregio’ gelanceerd. Deze campagne moet de streek bij toeristen, onderzoekers, potentiële werknemers en klanten promoten als epicentrum van de Vlaamse sierteelt.

 

 

www.gentbloemenregio.eu

 


 


 

 

Waar naartoe in het Waasland?

 

4 sfeervolle stops

 

 

Op weekend met de kinderen


Nog tot 31 januari kan je in het Waasland voordelige en kindvriendelijke winterweekends boeken. Je kan kiezen uit zeven arrangementen in een B&B of hotel, waarbij warmte, familie en gezelligheid centraal staan. Per boeking wordt 5 euro geschonken aan de Cliniclowns, en krijg je een pakket met twee cinematickets, een lekker streekproduct, een gezelschapsspel en toeristische informatie.

Contact:

 

Toerisme Waasland

Grote Markt 45, 9100 Sint-Niklaas

www.toerismewaasland.be/

winterweekends

Contact:

 

Den Ouden Advokaat

Hoogkamerstraat 32-34, 9100 Sint-Niklaas

www.denoudenadvokaat.be 

Den Ouden Advokaat


Weet je nog hoe (groot)moeder vroeger advokaat bereidde? Danny en Marianne van Den Ouden Advokaat doen het nog net zo, maar dan op iets grotere schaal. Hun ambachtelijke producten worden zo gesmaakt, dat ze verkocht worden in verschillende warenhuizen en speciaalzaken. Maar natuurlijk kan je ook ter plaatse een paar potjes kopen.
 

 

 

Floraliëntocht


Liefhebbers van fietsen én van bloemen kunnen in het Waasland terecht voor een fietstocht rond het thema azalea (34km). De route begint in Lochristi, dé Wase bloemengemeente, leidt je verder langs het Kasteel van Beervelde en het Kasteel Rozelaar en ten slotte voorbij een aantal kwekerijen met azalea- en begoniavelden.

Contact:

 

Toerisme Waasland

Grote Markt 45, 9100 Sint-Niklaas

www.toerismewaasland.be

Contact:

 

Provinciale Landbouwkamer voor Oost-Vlaanderen

Gouvernementstraat 1, 9000 Gent

www.pierlepein.be

Pierlepeins hoeveparadijs


Muis Pierlepein heeft een missie: jong en oud laten kennismaken met zijn hoeve- en serreparadijs. Daarvoor heeft hij 19 boerderijen in Oost-Vlaanderen uitgekozen, waarvan vijf in het Waasland, die graag hun deuren openen voor nieuwsgierigen. Je kan er rondneuzen in de stallen (al neem je dat best niet letterlijk), luisteren naar echte boerenverhalen en proeven van verse hoeveproducten.

 

 

 

 

 

Veel ontdekkingsplezier!

 

reactie(s) gevonden

plaats zelf een reactie